Regeling

In dit thema leer je hoe je lichaam het inwendig milieu constant houdt met behulp van hormonen en zenuwen.

 

Spieren

spierstelselenhuid(geplastificeerd2)

Met pezen zitten de spieren aan het skelet vast. Het zijn deze spieren die bewegingen van het lichaam mogelijk maken. Elke spiervezel wordt aangestuurd door motorische zenuwen uit het animale zenuwstelsel. Actiepotentialen in deze motorische zenuwen zorgen voor contractie van de spiervezels. De synapsen van de motorische zenuwen zitten vast aan de spiervezels. In elke spier zitten zintuigcellen (spierspoeltjes) die de spanning in de spieren en pezen meten. Vanuit deze zintuigen ontvang je via sensorische zenuwen signalen over de spanning in de spieren en de pezen. 

MotorUnitcompilatie2

Spieren zijn opgebouwd uit spierbundels, spierbundels weer uit spiervezels en spiervezels weer uit acine en myosine filamenten.Als een spiervezel geactiveerd wordt door een impuls van een motorische zenuw beginnen de actine en de myosine filamenten over elkaar heen te schuiven. Aan de myosine fulamenten zitten myosinekopjes die zich binden aan de actine filamenten. Gebonden myosinekopjes maken vervolgens een roeiende beweging. Door deze roeiende bewegingen schuiven de actine en myosine filamenten langzaam over elkaar heen en trekt de spiervezel zich samen. Het binden van de myosinekopjes aan het actine en het maken van de roeiende beweging kost energie. De benodigde energie wordt vrijgemaakt door ATP af te breken tot ADP en een los fosformolecuul (P). De omzetting van de chemische energie uit het ATP naar de bewgingsenergie van de filamenten is niet erg rendabel. Een deel van de energie wordt gebruikt voor contractie van de vezel. Een aanzienlijk deel van de energie komt vrij als warmte. Deze warmte moet via de bloedvaten weggevoerd worden van de spieren. 


Opbouwvandespiercompilatie2 

SkeletMuscleStruct2

Het is de beweging tussen de actine en de myosine filamenten die ervoor zorgt dat de spieren kunnen samentrekken. Maar het zijn ook de actine en myosine filamenten die voor het typerende bandenpatroon zorgen. Als je de spiervezels van skeletspieren onder een microscoop legt, dan zie je een dwarsgestreept  bandenpatroon wat ook de naam aan deze spieren geeft. Donkere banden worden veroorzaakt doordat er in dat deel van het preparaat zich veel filamenten bevinden. Een overlap van veel en dikke filamenten (myosine filamenten) met de dunnere actine filamenten zorgt voor een donkere A-band . Lichte banden worden veroorzaakt door weinig en tevens dunne actine filamenten in dat deel van het preparaat.

bandenpatrooncompilatiemettekst2 

De werking van de spieren is ook goed te bestuderen op de website van bioplek.org

Als je nu alles gelezen hebt op deze pagina en je het filmpje hebt bekeken, dan is onderstaande illustratie je helemaal duidelijk. Op deze foto kan je de opbouw van spier tot vezel zien en perfect hoe het bandenpatroon wordt veroorzaakt. Ook is te zien welke banden verdwijnen bij spiercontractie (band I en H) en welke banden blijven bij spiercontractie (Z en A).

 SkeletMuscleStructcompilatie2

 Uitleg over de werking en aansturing van de spieren kan je hieronder bekijken. Deze uitleg is opgenomen op Scala Rietvelden.

Meer informatie over de werking van spieren kan je vinden op biologielessen bij transport en dan het ECG. De nadruk ligt daar op de contractie van de hartspier.